Een zonnige zondagmiddag in juni: je panelen draaien op vol vermogen, en op de groothandelsmarkt is de stroomprijs onder nul gezakt. Voor iedereen die op dat moment verbruikt is dat feest. Maar sta je terug te leveren met een dynamisch contract, dan werkt het spiegelbeeldig: je betaalt op dat moment om je stroom kwijt te raken.
Waarom je soms moet betalen om terug te leveren
Bij een dynamisch contract is je terugleververgoeding de kale beursprijs van dat moment, plus of min een kleine opslag van je leverancier. Is de beursprijs −5 cent per kWh in tegen die negatieve prijs.
Belangrijk om uit elkaar te houden: de salderingsregeling gaat over het belastingdeel en wordt jaarlijks verrekend — dat staat hier los van. De kale marktprijs krijg (of betaal) je gewoon per uur of kwartier. En bij een vast contract merk je van negatieve uren niets; daar betaal je in plaats daarvan steeds vaker terugleverkosten.
Om hoeveel geld gaat het?
Minder dan de verhalen soms suggereren. Een rekenvoorbeeld: een installatie van 4 kWp levert op een zonnige middag zo'n 3 kW terug. Vier negatieve uren van gemiddeld −3 cent kosten dan 4 × 3 × €0,03 ≈ 36 cent. Over een jaar met tientallen van zulke middagen praat je over pakweg €10 tot €30.
Geen drama dus — nog niet. Maar de trend is onmiskenbaar: het aantal negatieve uren groeit elk jaar (op onze live-pagina zie je de actuele teller), de uitschieters worden dieper, en na 2027 weegt de kale marktprijs veel zwaarder in wat je opbrengst waard is. Wie er nu z'n routine op inricht, hoeft er straks niet meer over na te denken.
De beste oplossing: maak de stroom zelf op
Elke kWh die je tijdens een negatief uur zelf verbruikt, bespaart dubbel: je hoeft 'm niet in te kopen én je hoeft niet te betalen om 'm kwijt te raken. Precies voor deze uren zijn de klassiekers bedoeld:
- de boiler een extra keer laten opwarmen;
- de EV of wasmachine precies dan laten draaien;
- in de zomer: de airco alvast laten vóórkoelen.
Plan B: begrens de omvormer
Krijg je de stroom niet zelf op, dan kun je de teruglevering begrenzen. Vrijwel elke moderne omvormer kent een export-limiet of nul-export-stand: je panelen blijven je eigen verbruik ineens wél van het net, inclusief belasting.
Wie Home Assistant draait, automatiseert dit met een prijs-sensor: zakt de kale prijs onder nul, dan gaat de export-limiet aan; komt de prijs erboven, dan weer uit. En steeds meer leverancier- en omvormer-combinaties regelen dit inmiddels automatisch — vraag ernaar voordat je zelf gaat knutselen.
Wanneer je níks hoeft te doen
Heb je een vast contract, dan zijn negatieve uren niet jouw probleem — richt je pijlen op de terugleverkosten. En saldeer je nog met een dynamisch contract, dan blijven de bedragen zoals gezegd bescheiden: begin er niet over te piekeren, maar bouw rustig de gewoontes op die na 2027 echt geld waard zijn.
Negatieve prijzen zijn geen straf voor zonnepanelen-bezitters — het is het net dat "vol" roept. Wie kan schuiven of begrenzen heeft er geen last van; wie kan opslaan, verdient eraan.